dinsdag 23 februari 2016

Bitty McLean - It keeps raining / Pato Banton - Baby come back

Niet goed genoeg om als evergreen steeds weer op de radio terug te keren, maar ook weer niet fout genoeg om af en toe langs te komen in het foute uur. Bitty McLean had in 1993 een wereldhit met It keeps rainin’ (tears from my eyes). Een jaar later maakten we kennis met Pato Banton, die met Baby come back eveneens een wereldhit scoorde. Aanstekelijke reggae-nummers die iedereen zó weer kan mee zingen, maar die je eigenlijk nooit meer hoort. En dat zijn niet de enige overeenkomsten tussen de twee.

Bitty werd geboren in Birmingham, Engeland en was voor zijn doorbraak in Nederland al een grote meneer in de popwereld. Hij werkte onder andere voor UB40 en zong af en toe zelfs een moppie mee. Maar hij ging ook al op tour met 90’s iconen Wet Wet Wet en Simply Red.

Ook Pato Banton werd geboren in Birmingham, Engeland. En ook hij had al lang en breed zijn naam gevestigd voordat hij in ons land die ene hit scoorde. Sterker nog, hij had al een aantal albums geproduceerd voordat hij voor Baby come back de samenwerking aanging met Ali en Robin Campbell van – daar zijn ze weer – UB40.

Met de single It keeps rainin’ (tears from my eyes) bereikte Bitty McLean de hoogste positie in de Nederlandse Top 40. Zijn cover van Fats Domino over de vele tranen die hij moest laten omdat zijn geliefde hem had verlaten, hield het daar maar liefst vijf weken vol.

Baby come back van Pato Banton was eveneens een cover. Alleen dan van Eddy Grant. En ook Pato bezong een geliefde die hem had verlaten. Hij trachtte echter zijn schatje in eerste instantie nog te bewegen om terug te komen (graag inclusief kleuren TV en Bob Marley-CD’s) maar uiteindelijk bleef er ook voor hem niets meer over dan ‘water a me eye’. Zíjn tranen leverden hém een derde plaats op in de Nederlandse Top 40.

In hun thuisland zouden de beide heren daarna nog regelmatig terugkeren in de hitlijsten. Sterker nog: ze zouden zelfs nog belangrijke prijzen winnen. Maar in ons land bleef het bij die ene single. Eenmaal uit de hitparade, verdwenen zij allebei ook uit het Nederlandse collectieve geheugen. En wat is er dan mooier dan ze hier weer een podium te geven.

dinsdag 16 februari 2016

Milli Vanilli - Girl you know it's true

Fab Morvan… Zegt die naam u iets? Hij stelde zich de afgelopen weken regelmatig aan u voor op zowel radio als TV. In de reclame voor Kentucky Fried Chicken. Hopen dat de commercial niet blijft steken want dan zullen zijn gedachten ongetwijfeld teruggaan naar 21 juli 1989, toen hij een ‘live’ performance weggaf voor MTV en de plaat Girl you know it’s true opeens vastliep. Hij en Rob Pilatus, het andere deel van Milli Vanilli, probeerden nog even de schijn op te houden maar ze voelden zelf ook wel aan dat het na 15 keer ‘Girl you know it’s…’ niet echt meer geloofwaardig was en vluchtten van het podium.

Niet dat hun zelfbeeld er ook maar enigszins onder leed. Want een jaar later riep Rob Pilatus zichzelf in het gezaghebbende Times Magazine uit tot de nieuwe ‘Elvis’. Als Milli Vanilli waren ze immers getalenteerder dan Bob Dylan, Paul McCartney en Mick Jagger bij elkaar.

Wat dat betreft spraken de cijfers ook wel in hun voordeel. Alleen hun eerste single ging al 7 miljoen keer over de toonbank. De fans leken zich verder ook totaal niet druk te maken over het vermeende playbacken van de twee. Zelfs niet toen een van de oorspronkelijke zangers het bedrog uit de doeken deed. Het is natuurlijk ook wel heel erg vervelend als je de miljoenen ziet binnenstromen terwijl jij zelf afgescheept wordt met een lousy $ 6.000. Voor $ 155.000 bleek hij echter bereid zijn mond er verder over te houden.

De hits van het playbackende duo volgden elkaar in snel tempo op. Ook Nederland ontkwam niet aan de in biker shorts geklede en met pruiken getooide verschijningen. Met Blame it on the rain scoorde het duo een tweede plaats in de Nederlandse Top 40 en Girl I’m gonna miss you stond zelfs vijf weken op de hoogste positie. Als kers op de taart wonnen zij in februari 1990 een Grammy Award voor beste nieuwe artiest.

November 1990 barstte de bom echter. Hun producer, de man die het trucje al eens eerder had uitgehaald met Boney M, klapte uit de school en gaf toe dat de gezichten van Milli Vanilli de nummers niet zelf zongen. Hij ontsloeg de beide heren en hun vonnis was daarmee getekend. De persconferentie, die de twee in allerijl hadden belegd, met daarin onder andere een zangcoach die verklaarde dat ze toch écht wel konden zingen, kon dat niet meer tegenhouden. Ze mochten hun Award inleveren en verdwenen met de staart tussen de benen van het wereldtoneel.

Rob is inmiddels overleden. Een overdosis cocaïne werd hem in 1998 fataal. En Fab schnabbelt nu dus bij voor een fastfoodketen. Hij zal straks op zijn sterfbed moeten constateren dat de muzikale erfenis die hij de wereld heeft nagelaten niet meer omvat dan de tekst ‘100% real chicken. KFC. It’s fingerlicking good!’ 

dinsdag 9 februari 2016

The Offspring - Why don't you get a job?

Jong waren ze nog toen ze in 1984 het bandje ‘Manic Subsidal’ oprichtten. Zo jong dat ze de conciërge van hun school als gitarist inlijfden zodat hij alcohol voor ze kon halen. Twee jaar later, toen de leden zelf oud genoeg waren om aan alcohol te komen, mocht hij echter wel gewoon blijven.

De naam was inmiddels veranderd naar ‘The Offspring’ en ze hadden hun eerste single opgenomen: I’ll be waiting. Ze moesten echter nog een flink aantal jaren wachten voordat ze hun eerste grote succes konden noteren. Dat kwam toen zij in 1994 het album ‘Smash’ uitbrachten, Met onder andere de hits Come out and play en Self esteem verkochten zij gelijk 16 miljoen albums. Punk rock was opeens ‘hot’.

Niet dat ík er blij van werd. Het was iets met gitaren dus ik vond het bij voorbaat al verschrikkelijk. Maar goed, hun drie hits doorstond ik op wilskracht en ik was dan ook enorm opgelucht dat ze eind 1995 weer uit de hitparades verdwenen. Voorgoed…

Tot 1998. Daar waren ze opeens weer. Ze hadden een nieuw album genaamd ‘Americana’ en daarvan was Pretty fly (for a white guy) de eerste single. Blegh! Maar vooruit, de clip was op zijn minst vermakelijk. Met in de hoofdrol een white dude die op allerlei manieren ‘cool’ wil zijn, daar ook heilig in gelooft met zijn low-rider en zijn dancing skills maar zelfs zijn kleine buurmeisje niet kan imponeren. Het was een parodie op de Amerikaanse tieners uit de villawijken die maar wat graag wilden lijken op de gangsta-rappers uit de ghetto’s. Gewoon omdat het hip was.

Maar stiekem vond ik het eigenlijk ook best wel een klein beetje een leuk nummer. Al ontkende ik dat natuurlijk in alle toonaarden. Want… Gitaren. Blegh! Toen met Why don’t you get a job de volgende single van The Offspring uitkwam kon ik het echter niet meer negeren. Ik vond het aanstekelijke nummer gewoon leuk. En nog steeds.

dinsdag 2 februari 2016

Carnaval: Gijp - Geef me hoop Jomanda

Tien jaar voordat hij als voetbalanalist aan zou schuiven bij Voetbal Insite liet René van der Gijp al van zich horen via de Nederlandse media. De vermaarde rechtsbuiten die vijftien keer in actie kwam voor het Nederlands Elftal en in 1992 zijn voetbalschoenen aan de wilgen hing, scoorde rond carnaval 1995 een hitje met zijn bewerking van het bekende Give me hope Jo'anna van Eddy Grant.

In het nummer Geef me hoop Jomanda stak hij de draak met de beroemde maar vooral beruchte Jomanda. Allemaal naar aanleiding van een aantal onthullende artikelen in landelijke dagbladen waarin het spirituele medium ervan werd beschuldigd púúr uit te zijn op financieel gewin.

Een openbaring natuurlijk! Tot dat jaar hadden we het namelijk met zijn allen heel logisch gevonden dat tijdens de drukbezette healings in de Evenementenhal in Tiel “blinden weer konden lopen en manken weer konden zien” aldus even zozeer gewaardeerde collega-goeroe Emile Ratelband, die zelfs een periode lang samen met haar sessies uitvoerde. Wie had ooit durven denken dat de in blauwe gewaden gekleed gaande Jomanda puur uit was op het geld van de zwakkeren binnen onze samenleving? En die flessen kraanwater dan, die je na het bellen van een duurbetaald 0900-nummer via de TV kon laten instralen? Was dat dan ook een farce?

De ex-voetballer spon er onder de artiestennaam Gijp in ieder geval garen bij. Want hoewel Geef me hoop Jomanda niet verder kwam dan de 28ste plaats in de Nederlandse Top 40 was zijn naam gevestigd. Want de opvolger Zusje komt zo, een bewerking van heel verrassend… Busje komt zo, zou een nummer één-hit worden. Oké… In Suriname. Maar wél een nummer één-hit.

Nog één keer zou de goedlachse analist een poging wagen om de hitlijsten te bestormen. Hij vormde samen met de andere ex-voetballer Mario Been het duo ‘Koek & Zopie’ en bracht de meezinger In ons klein café uit. Het was zijn laatste muzikale uitspatting. Maar… zo af en toe wordt hij door zijn huidige collega’s nog wel eens herinnerd aan zijn vroegere successen.